racist
zelfstandig naamwoord rɑˈsɪstBetekenis
- pleitbezorger voor ongelijke behandeling van mensen op grond van aangeboren uiterlijke kenmerken of afstamming van een etnische groep
- racistisch
Hoe spreek je racist uit?
/rɑˈsɪst/
Racist bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| ɪ | pit |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| racisten | meervoud |
| racistje | verkleinwoord, enkelvoud |
| racistjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
afgeleid van racisme met het achtervoegsel -ist
Woordfamilie van racist
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| racisten | meervoud | racist |
| racistje | verkleinwoord | racist |
| racistjes | verkleinwoord meervoud | racist |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van racist zijn vastgelegd.