limerick
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een dichtvorm van 5 regels met een vrij strak metrum, bestaande uit twee drievoetige amfibrachen (∪—∪ ∪—∪ ∪—∪), twee regels amfibrachen en jambe (∪—∪ ∪—) en afgesloten door weer een drievoetige amfibrachys
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| limerickje | verkleinwoord, enkelvoud |
| limerickjes | verkleinwoord, meervoud |
| limericks | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘vijfregelig grappig versje’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1932
Woordfamilie van limerick
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| limerickje | verkleinwoord | limerick |
| limerickjes | verkleinwoord meervoud | limerick |
| limericks | meervoud | limerick |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van limerick zijn vastgelegd.