gegeven
zelfstandig naamwoord, werkwoord, bijvoeglijk naamwoord ɣəˈɣevə(n)Betekenis
- een bekend geval of feit
- bepaald
- feitelijk
Hoe spreek je gegeven uit?
/xəˈxevən/
Gegeven bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| ə | de |
| e | veel |
| v | vis |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gegevens | meervoud |
| gegeventje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gegeventjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- voltooid deelwoord van geven
Vervoeging van gegeven
gegevenhele werkwoord
Woordvorm
- voltooid deelwoord van geven
Vervoeging van gegeven
gegevenhele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘grootheid, bekend geval’ voor het eerst aangetroffen in 1872
Woordfamilie van gegeven
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gegevens | meervoud | gegeven |
| gegeventje | verkleinwoord | gegeven |
| gegeventjes | verkleinwoord meervoud | gegeven |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gegeven zijn vastgelegd.