deïst
zelfstandig naamwoord deˈjɪstBetekenis
- aanhanger van het deïsme, een religieus-filosofische opvatting die God als transcendente oorzaak van de natuurwetten beschouwt
Hoe spreek je deïst uit?
/deˈjɪst/
Deïst bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| e | veel |
| j | ja |
| ɪ | pit |
| s | sok |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| deïsten | meervoud |
Herkomst
afgeleid van het Latijn: deus, "god" met het achtervoegsel -ist
Woordfamilie van deïst
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| deïsten | meervoud | deïst |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van deïst zijn vastgelegd.