beleggingsmaatschappij
zelfstandig naamwoord bəˈlɛɣɪŋsˌmatsxɑˌpɛiBetekenis
- bedrijf dat gelden van aandeelhouders belegt in andere ondernemingen, om zodoende te zorgen voor een goed rendement voor zijn eigen aandeelhouders
Hoe spreek je beleggingsmaatschappij uit?
/bəˈlɛxɪŋsˌmatsxɑˌpɛi/
Beleggingsmaatschappij bestaat uit zes lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ə | de |
| l | land |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| s | sok |
| m | maan |
| a | maan |
| t | tak |
| ɑ | bad |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beleggingsmaatschappijen | meervoud |
| beleggingsmaatschappijtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| beleggingsmaatschappijtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van belegging en maatschappij met het invoegsel -s-
Woordfamilie van beleggingsmaatschappij
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| beleggingsmaatschappijen | meervoud | beleggingsmaatschappij |
| beleggingsmaatschappijtje | verkleinwoord | beleggingsmaatschappij |
| beleggingsmaatschappijtjes | verkleinwoord meervoud | beleggingsmaatschappij |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van beleggingsmaatschappij zijn vastgelegd.