Naar de inhoud

staren

langdurig naar één punt kijken, soms zonder iets op te merken

staren

werkwoord ˈstarən

Betekenis

  1. langdurig naar één punt kijken, soms zonder iets op te merken

Hoe spreek je staren uit?

/ˈstarən/

Staren bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈstarən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
t tak
a maan
r rood
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van staren

starenhele werkwoord — staardeverleden tijd enkelvoud — staardenverleden tijd meervoud — gestaardvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik staar staarde
jij staart staarde
hij, zij, het staart staarde
wij staren staarden
jullie staren staarden
zij staren staarden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gestaard verleden tijd, deelwoord
gestaard te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestaard zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gestaard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gestaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gestaard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gestaard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gestaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gestaard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gestaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gestaard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestaard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gestaard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gestaard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gestaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestaard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
staar gebiedende wijs
staarde verleden tijd
stare aanvoegende wijs
starend onvoltooid, deelwoord
te hebben gestaard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te staren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen staren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gestaard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gestaard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal staren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal staren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal staren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gestaard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestaard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou staren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou staren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou staren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gestaard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestaard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden staren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden staren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden staren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gestaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt staren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gestaard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestaard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen staren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen staren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen staren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen staren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gestaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult staren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Van Middelnederlands staren, mogelijk afgeleid van staar zn . Verwant met Duits Star, Engels stare. In de betekenis van ‘strak kijken’ voor het eerst aangetroffen in 1276. De huidige betekenis is vermoedelijk beïnvloed door Duits starren (zie ook star bn ).

Woordfamilie van staren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gestaard voltooid deelwoord staren
staarde verleden tijd staren
staarden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon staren
stare aanvoegende wijs staren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van staren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over staren

Hoe spreek ik staren uit?
Zo spreek je staren uit: /ˈstarən/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van staren?
Staren is een werkwoord. De betekenis is: langdurig naar één punt kijken, soms zonder iets op te merken.
Hoe vervoeg ik staren?
Zo vervoeg je staren zo: de tegenwoordige tijd is staar, de verleden tijd is staarde en het voltooid deelwoord is gestaard. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op staren?

Staren rijmt op 64 woorden op -aren; waren, varen en ervaren bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op staren, uitspraak ˈstarən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
waren 2
varen 2
ervaren 3
verklaren 3
bezwaren 3
lantaarn 3
sparen 2
besparen 3
bewaren 3
blaren 2
vlegeljaren 4
evenaren 4
bedaren 3
zaklantaarn 4
paren 2
lantaren 3
zaklantaren 4
verjaren 3
overvaren 4
wedervaren 4
kinderjaren 4
grutterswaren 4
tienerjaren 4
straatlantaarn 4
straatlantaren 4
verfwaren 4
geitenharen 4
pinaren 3
ontsparen 3
toverlantaarn 5
aaltenaren 4
aangevaren 4
balearen 4
beschermparen 5
beuzelaren 4
bonthandelaren 5
crisisjaren 4
cursusjaren 4
fruithandelaren 5
gevaren 3
Nog 24 rijmwoorden
gijzelaren 4
handelaren 4
homoparen 4
jaren 2
kaarslantaarn 4
kandelaren 4
karen 2
kerselaren 4
koningsvaren 4
laskaren 3
legerscharen 4
okselharen 4
palmvaren 4
pharen 2
raren 2
runderharen 4
samaren 3
schroothandelaren 5
stormlantaarn 5
supersnaren 4
toverhazelaren 6
toverlantaren 5
watervaren 4
zonnejaren 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord staren is 9 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. T 2
  3. A 1
  4. R 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 9 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

staren levert met Wordfeud minimaal 9 en maximaal 39 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. T 2
  3. A 1
  4. R 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 9 zonder bonus
  8. 39 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (S) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

staren telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

staren in het kort

staren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van staren staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort staren bij een woordfamilie van 4 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

staren: langdurig naar één punt kijken, soms zonder iets op te merken
Deel staren — standaardnederlands.nl