lantaarn
zelfstandig naamwoord lɑnˈtarᵊnBetekenis
- een constructie van glas en metaal of hout, zodat wind en regen geen vat op een brandende lichtbron hebben
- de bovenste open geleding(en) van een toren, vaak achtkantig
Hoe spreek je lantaarn uit?
/lɑnˈtarən/
Lantaarn bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| t | tak |
| a | maan |
| r | rood |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Klinkt hetzelfde als lantaren.
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- constructie van glas en metaal of hout, zodat wind en regen geen vat op een brandende lichtbron hebben
- bovenste open geleding(en) van een toren, vaak achtkantig
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| lantaarns | meervoud |
| lantaarntje | verkleinwoord, enkelvoud |
| lantaarntjes | verkleinwoord, meervoud |
| lantaren |
Herkomst
via Middelnederlands lanterne en Oudfrans lanterne van Latijn lanterna; in de betekenis van ‘verlichtingstoestel’ aangetroffen vanaf 1240
Woordfamilie van lantaarn
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| lantaarns | meervoud | lantaarn |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lantaarn zijn vastgelegd.