seinen
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈsɛinə(n)Betekenis
- het geven van een, meestal hoor- of zichtbaar, signaal
- het teken voor teken overbrengen van een bericht, meestal over grote afstand via kabel- of radioverbinding
- (politie) opnemen in een overzicht van personen of voorwerpen waarnaar gezocht wordt om een misdaad op te lossen
Hoe spreek je seinen uit?
/ˈsɛinən/
Seinen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| ɛi | trein |
| n | nek |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord sein
werkwoord
- opnemen in een overzicht van personen of voorwerpen waarnaar gezocht wordt om een misdaad op te lossen transitive
Vervoeging van seinen
seinenhele werkwoord
Woordfamilie van seinen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geseind | woordvorm | seinen |
| geseinde | woordvorm | seinen |
| seinde | woordvorm | seinen |
| seinden | woordvorm | seinen |
| seine | woordvorm | seinen |
| seinend | woordvorm | seinen |
| seinende | woordvorm | seinen |
| seint | woordvorm | seinen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van seinen zijn vastgelegd.