seinwachter
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die de seinen van een spoorweg bedient
- iemand die andere mensen waarschuwt voor gevaar
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| seinwachters | meervoud |
| seinwachtertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| seinwachtertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van sein zn en wachter zn
Woordfamilie van seinwachter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| seinwachters | meervoud | seinwachter |
| seinwachtertje | verkleinwoord | seinwachter |
| seinwachtertjes | verkleinwoord meervoud | seinwachter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van seinwachter zijn vastgelegd.