plas
zelfstandig naamwoord, werkwoord plɑsBetekenis
- een verzameling van vocht
- een (door veenafgraving ontstaan) meer
- een enkele afscheiding van urine
Hoe spreek je plas uit?
/plɑs/
Plas bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| l | land |
| ɑ | bad |
| s | sok |
zelfstandig naamwoord — masculine
- een door veenafgraving ontstaan klein meer
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| plasje | verkleinwoord, enkelvoud |
| plasjes | verkleinwoord, meervoud |
| plassen | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plassen
- gebiedende wijs van plassen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plassen
Vervoeging van plas
plashele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘kuil met water, poel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1285
Woordfamilie van plas
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| plasje | verkleinwoord | plas |
| plasjes | verkleinwoord meervoud | plas |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plas zijn vastgelegd.