plasser
zelfstandig naamwoord ˈplɑsərBetekenis
- persoon, meestal mannelijk, die urineert
- geslachtsorgaan, voornamelijk dat van een jongen
Hoe spreek je plasser uit?
/ˈplɑsər/
Plasser bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| l | land |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- iemand die urineert, vooral van het mannelijk geslacht person
- mannelijk geslachtsorgaan informal
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| plassers | meervoud |
| plassertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| plassertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van plassen met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van plasser
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| plassers | meervoud | plasser |
| plassertje | verkleinwoord | plasser |
| plassertjes | verkleinwoord meervoud | plasser |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plasser zijn vastgelegd.