fond
zelfstandig naamwoord /fɔnt/Betekenis
- achtergrond, met name van bekleding, behang, op een schilderij of afbeelding etc.
- grond
- de restvloeistof die na het koken van een bouillon (getrokken uit vlees, vis, botten, groentes of kruiden) overblijft (en die men bijv. als basis voor een saus kan gebruiken)
- bodem
- grond(laag)
- grondbeginsel, grondslag
- fonds
- fonds; een voor een bepaald doel vastgelegd kapitaal
- fonds; vereniging die dat kapitaal vergaart en beheert
- bestand; een verzameling objecten van dezelfde soort of type
- nadace
- základ
Hoe spreek je fond uit?
/fɔnt/
Fond bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| f | fiets |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| t | tak |
Klinkt hetzelfde als font.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| fondje | verkleinwoord, enkelvoud |
| fondjes | verkleinwoord, meervoud |
| fonds | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit Frans fond.
Woordfamilie van fond
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| fondje | verkleinwoord | fond |
| fondjes | verkleinwoord meervoud | fond |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van fond zijn vastgelegd.