wederik
zelfstandig naamwoord ˈwedəˌrɪkBetekenis
- een geslacht van planten
- sleutelbloemige plant met ovale bladen met zwarte punten en gele, in pluimen bijeen staande bloemen die werd toegepast als basis voor bestrijding van koorts en scheurbuik en bereiding van verschillende verfstoffen
Hoe spreek je wederik uit?
/ˈwedəˌrɪk/
Wederik bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| e | veel |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| ɪ | pit |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — masculine
- benaming voor planten uit het geslacht Lysimachia
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| wederiken | meervoud |
| wederikje | verkleinwoord, enkelvoud |
| wederikjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
op te vatten als afgeleid van wede met het achtervoegsel -erik, waarbij onzekerheid bestaat over de oorspronkelijke betekenis; in de betekenis van ‘plantengeslacht’ voor het eerst aangetroffen in 1543
Woordfamilie van wederik
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| wederiken | meervoud | wederik |
| wederikje | verkleinwoord | wederik |
| wederikjes | verkleinwoord meervoud | wederik |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wederik zijn vastgelegd.