Naar de inhoud

wallen

een wal opwerpen

wallen is meer dan één woord

wallen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈwɑlə(n)

Betekenis

  1. een wal opwerpen
  2. (van een stuk land) de sloten eromheen schoonmaken door slib en waterplanten langs de kant op de oever te halen
  3. omhoog borrelen

Hoe spreek je wallen uit?

/ˈwɑlən/

Wallen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈwɑlən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
w quiz
ɑ bad
l land
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van wallen

wallenhele werkwoord — waldeverleden tijd enkelvoud — waldenverleden tijd meervoud — gewaldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik wal walde
jij walt walde
hij, zij, het walt walde
wij wallen walden
jullie wallen walden
zij wallen walden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gewald verleden tijd, deelwoord
gewald te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gewald zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gewald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gewald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gewald voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gewald voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gewald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gewald voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gewald voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gewald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gewald actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gewald voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gewald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gewald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gewald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gewald voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gewald voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gewald actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te wallen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen wallen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
wal gebiedende wijs
walde verleden tijd
walle aanvoegende wijs
wallend onvoltooid, deelwoord
zal gewald hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gewald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gewald hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal wallen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal wallen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal wallen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gewald hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gewald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gewald hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou wallen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou wallen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou wallen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gewald hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gewald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gewald hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden wallen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden wallen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden wallen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gewald hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt wallen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gewald hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gewald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gewald hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen wallen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen wallen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen wallen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen wallen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gewald hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult wallen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord wal

Herkomst

[werkwoord 1] van Middelnederlands, op te vatten als afgeleid van wal met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van wallen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gewald voltooid deelwoord wallen
gewalde woordvorm wallen
walde verleden tijd wallen
walden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon wallen
walle aanvoegende wijs wallen
wallend onvoltooid deelwoord wallen
wallende woordvorm wallen
walt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon wallen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wallen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over wallen

Hoe spreek ik wallen uit?
Zo spreek je wallen uit: /ˈwɑlə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van wallen?
Wallen is een werkwoord. De betekenis is: een wal opwerpen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik wallen?
Zo vervoeg je wallen zo: de tegenwoordige tijd is wal, de verleden tijd is walde en het voltooid deelwoord is gewald. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op wallen?

Op wallen rijmen 31 woorden, onder andere vallen, bevallen en overvallen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op wallen, uitspraak ˈwɑlən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
vallen 2
bevallen 3
overvallen 4
lallen 2
knallen 2
gevallen 3
stallen 2
ontvallen 3
vervallen 3
lastigvallen 4
lotgevallen 4
omvallen 3
kallen 2
rallen 2
versmallen 3
aangevallen 4
aankomsthallen 4
allen 2
beachvolleyballen 5
betrouwbaarheidsintervallen 8
busongevallen 5
inkomhallen 4
kwallen 2
overlijdensgevallen 7
pedestallen 4
schapenstallen 4
twijfelgevallen 5
verdrinkingsongevallen 7
watervallen 4
werkloosheidsvallen 6
zestigtallen 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord wallen is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. W 5
  2. A 1
  3. L 3
  4. L 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

wallen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 72 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. W 5
  2. A 1
  3. L 3
  4. L 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 14 zonder bonus
  8. 72 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

wallen telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

wallen in het kort

wallen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van wallen staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort wallen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

wallen: een wal opwerpen
Deel wallen — standaardnederlands.nl