waken
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈwakə(n)Betekenis
- opzettelijk wakker zijn
- wakker zijn
- bij een stervende zitten
- over: letten op, beschermen.
Hoe spreek je waken uit?
/ˈwakən/
Waken bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| a | maan |
| k | kat |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord wake
werkwoord
- ~ over: letten op, beschermen. unergative
Vervoeging van waken
wakenhele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘niet (gaan) slapen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901
Woordfamilie van waken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gewaakt | woordvorm | waken |
| waak | woordvorm | waken |
| waakt | woordvorm | waken |
| waakte | woordvorm | waken |
| waakten | woordvorm | waken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van waken zijn vastgelegd.