paperclip
zelfstandig naamwoord ˈpepərˌklɪpBetekenis
- een kleine metalen klem waarmee enkele velletjes papier bijeen gehouden kunnen worden
Hoe spreek je paperclip uit?
/ˈpepərˌklɪp/
Paperclip bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| e | veel |
| ə | de |
| r | rood |
| k | kat |
| l | land |
| ɪ | pit |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| paperclipje | verkleinwoord, enkelvoud |
| paperclipjes | verkleinwoord, meervoud |
| paperclips | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘klemmetje om papieren bijeen te houden’ voor het eerst aangetroffen in 1950
Woordfamilie van paperclip
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| paperclipje | verkleinwoord | paperclip |
| paperclipjes | verkleinwoord meervoud | paperclip |
| paperclips | meervoud | paperclip |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van paperclip zijn vastgelegd.