overtrekken
werkwoord, zelfstandig naamwoord ˌovərˈtrɛkə(n)Betekenis
- een nieuwe stoffen bekleding aanbrengen
- overdreven voorstellen
- trekkend een gebied, dam of brug enz. passeren
- de contouren natekenen
Hoe spreek je overtrekken uit?
/ˌovərˈtrɛkən/
Overtrekken bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| o | boot |
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| t | tak |
| ɛ | bed |
| k | kat |
| n | nek |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- in een positie brengen waarin vleugels opeens hun draagvermogen verliezen doordat de lucht er niet meer snel vlak overheen stroomt transitive
Vervoeging van overtrekken
overtrekkenhele werkwoord — overtrokkenvoltooid deelwoord
Alle 3 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| overtrok | verleden tijd |
| overtrokken | verleden tijd, deelwoord |
| overtrékken | canonical |
werkwoord
- tijdens een lange tocht een gebied, dam, brug of iets dergelijks passeren ergative
Vervoeging van overtrekken
overtrekkenhele werkwoord — overgetrokkenvoltooid deelwoord
Alle 3 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| overgetrokken | verleden tijd, deelwoord |
| trok over | verleden tijd |
| óvertrekken | canonical |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord overtrek
Herkomst
samenstelling van over bw en trekken ww **overtrékken [3]: omdat deze toestand ontstaat als een piloot de stuurknuppel te ver naar achteren trekt
Woordfamilie van overtrekken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| overgetrokken | voltooid deelwoord | overtrekken |
| overtrekke | woordvorm | overtrekken |
| overtrekkend | woordvorm | overtrekken |
| overtrekkende | woordvorm | overtrekken |
| overtrekt | woordvorm | overtrekken |
| overtrok | verleden tijd | overtrekken |
| overtrokken | voltooid deelwoord | overtrekken |
| trek over | woordvorm | overtrekken |
| trekke over | woordvorm | overtrekken |
| trekken over | woordvorm | overtrekken |
| trekt over | woordvorm | overtrekken |
| trok over | verleden tijd | overtrekken |
| trokken over | woordvorm | overtrekken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overtrekken zijn vastgelegd.