lijken
werkwoord, zelfstandig naamwoord /ˈlɛ.kə(n)/Betekenis
- naar aanschijn zijn
- bevallen
- met lijken (zoomtouwen) omzomen van zeilen
- een kadaver afleggen ??
Hoe spreek je lijken uit?
/ˈlɛkən/
Lijken bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| ɛ | bed |
| k | kat |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- ~ op: uitzien als absolute
Vervoeging van lijken
lijkenhele werkwoord — gelekenvoltooid deelwoord
Vervoeging van lijken
lijkenhele werkwoord — gelijktvoltooid deelwoord
Alle 2 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gelijkt | verleden tijd, deelwoord |
| lijkte | verleden tijd |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord lijk
Herkomst
In de betekenis van ‘gelijken’ voor het eerst aangetroffen in 1450
Woordfamilie van lijken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gelijkte | woordvorm | lijken |
| lijke | woordvorm | lijken |
| lijkend | woordvorm | lijken |
| lijkende | woordvorm | lijken |
| lijkt | woordvorm | lijken |
| lijkte | verleden tijd | lijken |
| lijkten | woordvorm | lijken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lijken zijn vastgelegd.