Naar de inhoud

minnen

vrijen

minnen is meer dan één woord

minnen

werkwoord, zelfstandig naamwoord /ˈmɪnə(n)/

Betekenis

  1. vrijen
  2. liefhebben

Hoe spreek je minnen uit?

/ˈmɪnən/

Minnen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈmɪnən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
m maan
ɪ pit
n nek
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van minnen

minnenhele werkwoord — mindeverleden tijd enkelvoud — mindenverleden tijd meervoud — gemindvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik min minde
jij mint minde
hij, zij, het mint minde
wij minnen minden
jullie minnen minden
zij minnen minden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gemind voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gemind voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gemind impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gemind impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gemind impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gemind impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gemind worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gemind zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gemind worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gemind zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gemind verleden tijd, deelwoord
gemind te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gemind te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gemind te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemind te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemind te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemind worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gemind zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gemind zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gemind zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gemind zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gemind voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gemind voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gemind voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gemind voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gemind voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gemind voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gemind voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gemind voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gemind actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gemind voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gemind voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gemind voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gemind voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gemind voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gemind voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gemind voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gemind voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
min gebiedende wijs
minde verleden tijd
minne aanvoegende wijs
minnend onvoltooid, deelwoord
te hebben gemind actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te minnen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen minnen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gemind voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gemind voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gemind voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gemind voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gemind voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gemind voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gemind voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gemind enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gemind enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gemind enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gemind enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gemind enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gemind enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gemind enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gemind enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gemind enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gemind enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gemind enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gemind enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gemind enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gemind hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemind hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gemind hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gemind worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemind worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gemind zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemind zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal minnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal minnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal minnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gemind voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gemind voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gemind voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gemind voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gemind hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemind hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemind hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gemind worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemind worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gemind worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemind zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemind zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemind zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou minnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou minnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou minnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gemind hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gemind hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gemind hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gemind worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gemind worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gemind worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gemind zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gemind zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gemind zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden minnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden minnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden minnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gemind hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gemind worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gemind zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt minnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gemind hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gemind hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gemind hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gemind worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gemind worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gemind worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gemind zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gemind zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gemind zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen minnen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen minnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen minnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen minnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gemind hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gemind worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gemind zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult minnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord min

Herkomst

ww: erfwoord via Middelnederlands minnen van Oudnederlands minnon, in de betekenis van ‘liefhebben’ aangetroffen vanaf 901

Woordfamilie van minnen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gemind voltooid deelwoord minnen
geminde woordvorm minnen
minde verleden tijd minnen
minden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon minnen
minnend onvoltooid deelwoord minnen
minnende woordvorm minnen
mint aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon minnen
mints meervoud mint

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van minnen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over minnen

Hoe spreek je minnen uit?
De uitspraak van minnen is: /ˈmɪnə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent minnen?
Minnen is een werkwoord. Het woord betekent: vrijen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je minnen?
Je vervoegt minnen als volgt: de tegenwoordige tijd is min, de verleden tijd is minde en het voltooid deelwoord is gemind. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op minnen?

In dit woordenboek rijmen 27 woorden op -innen op minnen, zoals beginnen, binnen en winnen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op minnen, uitspraak ˈmɪnən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
beginnen 3
binnen 2
winnen 2
beminnen 3
overwinnen 4
verzinnen 3
spinnen 2
zinnen 2
gewinnen 3
pinnen 2
herbeginnen 3
burinnen 3
detectivegezinnen 7
gezinnen 3
heidinnen 3
herbezinnen 4
jodinnen 3
kartuizerinnen 5
kattinnen 3
luchtwaardinnen 4
muilezelinnen 5
onderwerpszinnen 6
ontwinnen 3
rinnen 2
studentinnen 4
timmermansgezinnen 6
vrijgezellinnen 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord minnen is 8 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. M 3
  2. I 1
  3. N 1
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. 8 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

minnen levert met Wordfeud minimaal 9 en maximaal 45 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. M 3
  2. I 2
  3. N 1
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. 9 zonder bonus
  8. 45 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

minnen telt 6 letters, waarvan 4 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

minnen in het kort

minnen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van minnen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort minnen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

minnen: vrijen
Deel minnen — standaardnederlands.nl