gewinnen
werkwoord, zelfstandig naamwoord ɣəˈwɪnə(n)Betekenis
- verkrijgen, vooral in godsdienstige zin
- archaisch/bijbels: als nageslacht krijgen
- ongewoon: van gewin
Hoe spreek je gewinnen uit?
/xəˈwɪnən/
Gewinnen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| ə | de |
| w | quiz |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van gewinnen
gewinnenhele werkwoord — gewonverleden tijd enkelvoud — gewonnenverleden tijd meervoud — gewonnenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | gewin | gewon |
| jij | gewint | gewon |
| hij, zij, het | gewint | gewon |
| wij | gewinnen | gewonnen |
| jullie | gewinnen | gewonnen |
| zij | gewinnen | gewonnen |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gewonnen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gewonnen | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gewonnen | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gewonnen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gewonnen worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gewonnen zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gewonnen worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gewonnen zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gewin | gebiedende wijs |
| gewinne | aanvoegende wijs |
| gewinnend | onvoltooid, deelwoord |
| gewon | verleden tijd |
| gewonnen | verleden tijd, deelwoord |
| gewonnen te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gewonnen te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gewonnen te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gewonnen te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gewonnen te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gewonnen worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gewonnen zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gewonnen zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gewonnen zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gewonnen zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gewonnen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gewonnen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gewonnen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gewonnen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gewonnen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te gewinnen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gewonnen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen gewinnen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gewonnen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gewonnen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gewonnen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gewonnen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gewonnen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gewonnen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gewonnen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gewonnen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gewonnen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen gewinnen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult gewinnen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gewonnen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gewonnen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gewonnen zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord gewin
Herkomst
van Middelnederlands gewinnen
Woordfamilie van gewinnen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gewinne | aanvoegende wijs | gewinnen |
| gewinnend | onvoltooid deelwoord | gewinnen |
| gewinnende | woordvorm | gewinnen |
| gewint | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | gewinnen |
| gewon | verleden tijd | gewinnen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gewinnen zijn vastgelegd.