krop
zelfstandig naamwoord, werkwoord krɔpBetekenis
- ronde dichte opeenstapeling van bladeren
- keelzak.
- aandoening van de schildklier
- bepaald soort meel: ongezeefd (ongebuild) tarwemeel met zemelen
Hoe spreek je krop uit?
/krɔp/
Krop bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| r | rood |
| ɔ | bot |
| p | pak |
zelfstandig naamwoord — masculine
- keelzak
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| [1,2]: kropje | verkleinwoord, enkelvoud |
| [1,2]: kropjes | verkleinwoord, meervoud |
| [1,2]: kroppen | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kroppen
- gebiedende wijs van kroppen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kroppen
Vervoeging van krop
krophele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘keelgezwel, struma’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1617
Woordfamilie van krop
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kropje | woordvorm | krop |
| kropjes | meervoud | krop |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van krop zijn vastgelegd.