coffeeshop
zelfstandig naamwoord ˈkɔfiˌʃɔpBetekenis
- koffiehuis, café
- een gelegenheid waar, naast alcohol en/of koffie ook hasj (illegaal) verkrijgbaar was, een plaats waar (in de loop der jaren) de verkoop van softdrugs oogluikend werd toegestaan danwel gedoogd
Hoe spreek je coffeeshop uit?
/ˈkɔfiˌʃɔp/
Coffeeshop bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɔ | bot |
| f | fiets |
| i | riet |
| ʃ | sjaal |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| coffeeshopje | verkleinwoord, enkelvoud |
| coffeeshopjes | verkleinwoord, meervoud |
| coffeeshops | meervoud |
Herkomst
Uit het Engels **[1] in de betekenis 'koffiehuis' aangetroffen vanaf 1878 (zie vindplaats hieronder) **[2] in de betekenis van ‘gelegenheid waar softdrugs verkrijgbaar zijn’ aangetroffen vanaf 1972
Woordfamilie van coffeeshop
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| coffeeshopje | verkleinwoord | coffeeshop |
| coffeeshopjes | verkleinwoord meervoud | coffeeshop |
| coffeeshops | meervoud | coffeeshop |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van coffeeshop zijn vastgelegd.