vonk
zelfstandig naamwoord, werkwoord vɔŋkBetekenis
- klein rondvliegend gloeiend korreltje of brokstukje
- een vurige elektrische ontlading die de lucht ioniseert
- oude bijnaam voor een radiotelegrafist
Hoe spreek je vonk uit?
/vɔŋk/
Vonk bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ɔ | bot |
| ŋ | ding |
| k | kat |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vonken | meervoud |
| vonkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vonkjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vonken
- gebiedende wijs van vonken
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vonken
Vervoeging van vonk
vonkhele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘vuursprank’ voor het eerst aangetroffen in 1348
Woordfamilie van vonk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vonkje | verkleinwoord | vonk |
| vonkjes | verkleinwoord meervoud | vonk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vonk zijn vastgelegd.