vergeten
werkwoord vərˈɣetə(n)Betekenis
- uit het geheugen verloren gaan
- niet gedaan hebben
Hoe spreek je vergeten uit?
/vərˈxetən/
Vergeten bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| x | acht |
| e | veel |
| t | tak |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van vergeten
vergetenhele werkwoord — vergatverleden tijd enkelvoud — vergatenverleden tijd meervoud — vergetenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | vergeet | vergat |
| jij | vergeet | vergat |
| hij, zij, het | vergeet | vergat |
| wij | vergeten | vergaten |
| jullie | vergeten | vergaten |
| zij | vergeten | vergaten |
Alle 160 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is vergeten | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was vergeten | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd vergeten | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt vergeten | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal vergeten worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal vergeten zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou vergeten worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou vergeten zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had vergeten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had vergeten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had vergeten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden vergeten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden vergeten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden vergeten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt vergeten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben vergeten | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben vergeten | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te vergeten | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen vergeten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vergat | verleden tijd |
| vergat je | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vergat me | eerste persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vergat u | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| vergat u | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| vergat zich | derde persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vergat zich/u | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| vergat zich/u | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| vergaten je | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| vergaten ons | eerste persoon, verleden tijd, meervoud |
| vergaten zich | derde persoon, verleden tijd, meervoud |
| vergeet | gebiedende wijs |
| vergeet je | tweede persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| vergeet me | eerste persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| vergeet u | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vergeet u | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vergeet u/je , vergeet je | gebiedende wijs |
| vergeet zich | derde persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| vergeet zich/u | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vergeet zich/u | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vergete | aanvoegende wijs |
| vergete zich | aanvoegende wijs |
| vergeten | verleden tijd, deelwoord |
| vergeten je | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vergeten ons | eerste persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vergeten te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| vergeten te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| vergeten te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vergeten te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vergeten te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vergeten worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| vergeten zich | derde persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vergeten zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| vergeten zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vergeten zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vergeten zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vergetend | onvoltooid, deelwoord |
| waart vergeten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren vergeten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren vergeten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren vergeten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was vergeten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was vergeten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was vergeten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd vergeten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd vergeten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd vergeten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden vergeten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden vergeten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden vergeten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt vergeten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word vergeten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden vergeten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden vergeten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden vergeten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt vergeten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt vergeten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal me vergeten | eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zal vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal vergeten hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vergeten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal vergeten hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal vergeten zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vergeten zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal zich vergeten | derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zal, zult je vergeten | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zich vergeten hebben | verleden tijd |
| zich vergetend | onvoltooid, deelwoord |
| zijn vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt vergeten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou vergeten hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vergeten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vergeten hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vergeten zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vergeten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vergeten zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden vergeten hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden vergeten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden vergeten hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vergeten zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden vergeten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden vergeten zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt vergeten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vergeten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vergeten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen je vergeten | tweede persoon, toekomende tijd, meervoud |
| zullen ons vergeten | eerste persoon, toekomende tijd, meervoud |
| zullen vergeten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen vergeten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
Herkomst
erfwoord via Middelnederlands vergeten / vergheten van Oudnederlands fargetan, op te vatten als afleiding gevormd met het voorvoegsel ver-, in de betekenis van ‘niet meer weten’ voor het eerst aangetroffen in 901
Woordfamilie van vergeten
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vergat | verleden tijd | vergeten |
| vergaten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | vergeten |
| vergeet | gebiedende wijs | vergeten |
| vergete | aanvoegende wijs | vergeten |
| vergetend | onvoltooid deelwoord | vergeten |
| vergetende | woordvorm | vergeten |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vergeten zijn vastgelegd.