Naar de inhoud

bezweten

door transpiratie natmaken

bezweten is meer dan één woord

bezweten

werkwoord, bijvoeglijk naamwoord bəˈzwetə(n)

Betekenis

  1. door transpiratie natmaken
  2. met veel inspanning iets doen, bereiken of verwerven
  3. een grote inspanning verrichten

Hoe spreek je bezweten uit?

/bəˈzwetən/

Bezweten bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /bəˈzwetən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
b bak
ə de
z zon
w quiz
e veel
t tak
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Klinkt hetzelfde als bezweetten.

werkwoord

  1. # voltooid deelwoord van bezweten*

Vervoeging van bezweten

bezwetenhele werkwoord — bezweetteverleden tijd enkelvoud — bezweettenverleden tijd meervoud — bezweetvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bezweet bezweette
jij bezweet bezweette
hij, zij, het bezweet bezweette
wij bezweten bezweetten
jullie bezweten bezweetten
zij bezweten bezweetten
Alle 56 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
bezweet gebiedende wijs
bezweet verleden tijd, deelwoord
bezweet te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bezweet zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bezweette verleden tijd
bezwete aanvoegende wijs
bezweten* verleden tijd, deelwoord
bezwetend onvoltooid, deelwoord
ev. gebiedende wijs
had bezweet voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had bezweet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had bezweet voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden bezweet voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden bezweet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden bezweet voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt bezweet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb bezweet voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bezweet actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben bezweet voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bezweet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben bezweet voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt bezweet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bezweet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bezweet voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bezweten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben bezweet actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bezweten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal bezweet hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bezweet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal bezweet hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bezweten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bezweten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bezweten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou bezweet hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bezweet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bezweet hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bezweten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bezweten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bezweten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden bezweet hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bezweet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bezweet hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bezweten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bezweten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bezweten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt bezweet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bezweten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen bezweet hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bezweet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bezweet hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bezweten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bezweten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bezweten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bezweten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult bezweet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bezweten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • verouderde spelling of vorm van bezwete tot 1946/47

Herkomst

ww: van Middelnederlands besweten; op te vatten als afgeleid van zweten ww met het voorvoegsel be-

Woordfamilie van bezweten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bezweette verleden tijd bezweten
bezweetten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bezweten
bezwetend onvoltooid deelwoord bezweten
bezwetende woordvorm bezweten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bezweten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bezweten

Hoe spreek je bezweten uit?
De uitspraak van bezweten is: /bəˈzwetə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent bezweten?
Bezweten is een werkwoord. Het woord betekent: door transpiratie natmaken. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je bezweten?
Je vervoegt bezweten als volgt: de tegenwoordige tijd is bezweet, de verleden tijd is bezweette en het voltooid deelwoord is bezweet. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op bezweten?

Op bezweten rijmen 41 woorden, onder andere weten, eten en meten. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op bezweten, uitspraak bəˈzwetən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
weten 2
eten 2
meten 2
vergeten 3
geweten 3
bezeten 3
heten 2
zweten 2
overeten 4
versleten 3
afgemeten 4
keten 2
ambtsketen 3
godvergeten 4
voedselketen 4
discountketen 4
aangebeten 4
aangemeten 4
aangevreten 4
aangezeten 4
aangezweten 4
aanvalskreten 4
alfabeten 4
bevoorradingsketen 6
bezweetten 3
boleten 3
gegeten 3
gemeten 3
gespleten 3
gezeten 3
gezweten 3
goudporieboleten 6
konijneneten 5
neknominaten 5
neten 2
paalgezeten 4
pionnenketen 5
reten 2
spinnenbeten 4
spirocheten 4
Nog 1 rijmwoord
tweetrapsraketten 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bezweten is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. Z 4
  4. W 5
  5. E 1
  6. T 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bezweten levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. Z 5
  4. W 5
  5. E 1
  6. T 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 20 zonder bonus
  10. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bezweten in het kort

bezweten is zowel werkwoord als bijvoeglijk naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van bezweten zijn 31 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort bezweten bij een woordfamilie van 4 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

bezweten: door transpiratie natmaken
Deel bezweten — standaardnederlands.nl