Naar de inhoud

eten

het nuttigen van voedsel

eten is meer dan één woord

eten

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈetə(n)

Betekenis

  1. het nuttigen van voedsel
  2. dat wat iemand tot zich neemt om diens metabolisme in werking te houden
  3. de maaltijd

Hoe spreek je eten uit?

/ˈetən/

Eten bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈetən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
e veel
t tak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. meervoudige tegenwoordige tijd van eten

Vervoeging van eten

etenhele werkwoord — atverleden tijd enkelvoud — atenverleden tijd meervoud — gegetenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik eet at
jij eet at
hij, zij, het eet at
wij eten aten
jullie eten aten
zij eten aten
Alle 88 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
at verleden tijd
eet gebiedende wijs
er is gegeten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gegeten impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gegeten impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gegeten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gegeten worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gegeten zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gegeten worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gegeten zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ete aanvoegende wijs
etend onvoltooid, deelwoord
ev. gebiedende wijs
gegeten verleden tijd, deelwoord
gegeten te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegeten te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegeten te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegeten te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegeten te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegeten worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegeten zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegeten zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegeten zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegeten zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gegeten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegeten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegeten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegeten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegeten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegeten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegeten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegeten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te eten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegeten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen eten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren gegeten voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gegeten voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gegeten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden gegeten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden gegeten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gegeten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal eten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal eten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal eten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gegeten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegeten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegeten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gegeten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gegeten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gegeten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou eten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou eten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou eten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gegeten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegeten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegeten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gegeten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gegeten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden eten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden eten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden eten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gegeten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegeten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegeten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegeten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegeten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt eten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gegeten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen eten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen eten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen eten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen eten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gegeten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegeten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegeten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegeten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegeten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult eten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gegeten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘nuttigen’ voor het eerst aangetroffen in 901

Woordfamilie van eten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
aten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon eten
eet gebiedende wijs eten
ete aanvoegende wijs eten
etend onvoltooid deelwoord eten
gegeten voltooid deelwoord eten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van eten zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over eten

Hoe spreek je eten uit?
De uitspraak van eten is: /ˈetə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent eten?
Eten is een werkwoord. Het woord betekent: het nuttigen van voedsel. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je eten?
Je vervoegt eten als volgt: de tegenwoordige tijd is eet, de verleden tijd is at en het voltooid deelwoord is gegeten. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spreekwoorden en gezegden met eten

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op eten?

In dit woordenboek rijmen 41 woorden op -ten op eten, zoals weten, meten en vergeten. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op eten, uitspraak ˈetən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
weten 2
meten 2
vergeten 3
geweten 3
bezeten 3
heten 2
zweten 2
overeten 4
versleten 3
afgemeten 4
keten 2
ambtsketen 3
godvergeten 4
voedselketen 4
bezweten 3
discountketen 4
aangebeten 4
aangemeten 4
aangevreten 4
aangezeten 4
aangezweten 4
aanvalskreten 4
alfabeten 4
bevoorradingsketen 6
bezweetten 3
boleten 3
gegeten 3
gemeten 3
gespleten 3
gezeten 3
gezweten 3
goudporieboleten 6
konijneneten 5
neknominaten 5
neten 2
paalgezeten 4
pionnenketen 5
reten 2
spinnenbeten 4
spirocheten 4
Nog 1 rijmwoord
tweetrapsraketten 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord eten is 5 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. E 1
  2. T 2
  3. E 1
  4. N 1
  5. 5 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

eten levert met Wordfeud minimaal 5 en maximaal 27 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. E 1
  2. T 2
  3. E 1
  4. N 1
  5. 5 zonder bonus
  6. 27 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (T) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

eten telt 4 letters, waarvan 3 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 3.012 woorden van 4 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

eten in het kort

eten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van eten zijn 64 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort eten bij een woordfamilie van 5 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

eten: het nuttigen van voedsel
Deel eten — standaardnederlands.nl