Naar de inhoud

spuiten

onder druk een vloeistof snel door een nauwe opening doen uitstromen

spuiten is meer dan één woord

spuiten

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈspœytə(n)

Betekenis

  1. onder druk een vloeistof snel door een nauwe opening doen uitstromen
  2. het proces van snelle uitstroming van een vloeistof onder druk
  3. heroïne gebruiken

Hoe spreek je spuiten uit?

/ˈspœytən/

Spuiten bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈspœytən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
p pak
œy huis
t tak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. ejaculeren informal

Vervoeging van spuiten

spuitenhele werkwoord — spootverleden tijd enkelvoud — spotenverleden tijd meervoud — gespotenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik spuit spoot
jij spuit spoot
hij, zij, het spuit spoot
wij spuiten spoten
jullie spuiten spoten
zij spuiten spoten
Alle 99 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief, voltooid
ben gespoten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gespoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gespoten impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid
er was gespoten impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid
er werd gespoten impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid
er wordt gespoten impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid
er zal gespoten worden impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid
er zal gespoten zijn impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid
er zou gespoten worden impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid
er zou gespoten zijn impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid
ev. gebiedende wijs
gespoten verleden tijd, deelwoord
gespoten te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gespoten te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gespoten te zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gespoten te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gespoten te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gespoten worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gespoten zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gespoten zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gespoten zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gespoten zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
hebben gespoten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
is gespoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gespoten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
spoot verleden tijd
spuit gebiedende wijs
spuite aanvoegende wijs
spuitend onvoltooid, deelwoord
te hebben/zijn gespoten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te spuiten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen spuiten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gespoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gespoten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gespoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gespoten voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gespoten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gespoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gespoten voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gespoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gespoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gespoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gespoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gespoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gespoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gespoten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gespoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gespoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gespoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gespoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gespoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gespoten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gespoten zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gespoten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal spuiten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal spuiten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal spuiten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gespoten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn gespoten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gespoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gespoten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gespoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gespoten zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gespoten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gespoten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou spuiten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou spuiten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou spuiten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gespoten zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gespoten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gespoten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden spuiten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden spuiten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden spuiten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gespoten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt spuiten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gespoten zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gespoten zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gespoten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen spuiten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen spuiten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen spuiten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen spuiten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gespoten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gespoten zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult spuiten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord spuit

Herkomst

In de betekenis van ‘met kracht naar buiten persen’ voor het eerst aangetroffen in 1401

Woordfamilie van spuiten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gespoten voltooid deelwoord spuiten
spoot verleden tijd spuiten
spoten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon spuiten
spuite aanvoegende wijs spuiten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spuiten zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over spuiten

Hoe spreek je spuiten uit?
De uitspraak van spuiten is: /ˈspœytə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent spuiten?
Spuiten is een werkwoord. Het woord betekent: onder druk een vloeistof snel door een nauwe opening doen uitstromen. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je spuiten?
Je vervoegt spuiten als volgt: de tegenwoordige tijd is spuit, de verleden tijd is spoot en het voltooid deelwoord is gespoten. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op spuiten?

Spuiten rijmt op 23 woorden op -uiten; fluiten, muiten en besluiten bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op spuiten, uitspraak ˈspœytən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
fluiten 2
muiten 2
besluiten 3
buiten 2
sluiten 2
snuiten 2
spruiten 2
erbuiten 3
hierbuiten 3
uiten 2
daarbuiten 3
vanbuiten 3
ruiten 2
stuiten 2
binnenstebuiten 5
achterkajuiten 5
bloemenspuiten 4
boerenfluiten 4
gruiten 2
kachelruiten 4
oversluiten 4
tuiten 2
verspuiten 3

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord spuiten is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. P 3
  3. U 4
  4. I 1
  5. T 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

spuiten levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 106 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. P 4
  3. U 2
  4. I 2
  5. T 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 106 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

spuiten telt 7 letters, waarvan 7 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

spuiten in het kort

spuiten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van spuiten zijn 62 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort spuiten bij een woordfamilie van 4 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

spuiten: onder druk een vloeistof snel door een nauwe opening doen uitstromen
Deel spuiten — standaardnederlands.nl