spuitgast
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een speciaal opgeleid lid van de brandweer voor het bestrijden van branden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| spuitgasten | meervoud |
| spuitgastje | verkleinwoord, enkelvoud |
| spuitgastjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van spuit ww en gast (kerel)
Woordfamilie van spuitgast
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| spuitgasten | meervoud | spuitgast |
| spuitgastje | verkleinwoord | spuitgast |
| spuitgastjes | verkleinwoord meervoud | spuitgast |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spuitgast zijn vastgelegd.