frezen
werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈfrezə(n)Betekenis
- een verspanende bewerking uitvoeren met behulp van een roterend gereedschap, de frees
Hoe spreek je frezen uit?
/ˈfrezən/
Frezen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| f | fiets |
| r | rood |
| e | veel |
| z | zon |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van frezen
frezenhele werkwoord — freesdeverleden tijd enkelvoud — freesdenverleden tijd meervoud — gefreesdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | frees | freesde |
| jij | freest | freesde |
| hij, zij, het | freest | freesde |
| wij | frezen | freesden |
| jullie | frezen | freesden |
| zij | frezen | freesden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gefreesd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gefreesd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gefreesd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gefreesd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gefreesd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gefreesd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gefreesd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gefreesd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| frees | gebiedende wijs |
| freesde | verleden tijd |
| freze | aanvoegende wijs |
| frezend | onvoltooid, deelwoord |
| gefreesd | verleden tijd, deelwoord |
| gefreesd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gefreesd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gefreesd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gefreesd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gefreesd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gefreesd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gefreesd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gefreesd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gefreesd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gefreesd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gefreesd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gefreesd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gefreesd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gefreesd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gefreesd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gefreesd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gefreesd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gefreesd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te frezen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gefreesd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen frezen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gefreesd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gefreesd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gefreesd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gefreesd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gefreesd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gefreesd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gefreesd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gefreesd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal frezen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal frezen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal frezen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gefreesd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gefreesd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gefreesd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gefreesd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gefreesd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gefreesd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou frezen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou frezen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou frezen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gefreesd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gefreesd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gefreesd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gefreesd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gefreesd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gefreesd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden frezen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden frezen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden frezen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gefreesd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gefreesd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gefreesd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gefreesd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gefreesd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gefreesd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt frezen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gefreesd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gefreesd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen frezen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen frezen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen frezen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen frezen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gefreesd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gefreesd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gefreesd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gefreesd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gefreesd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gefreesd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult frezen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gefreesd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gefreesd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gefreesd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord frees
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘met de frees bewerken’ voor het eerst aangetroffen in 1924
Woordfamilie van frezen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| freesde | verleden tijd | frezen |
| freesden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | frezen |
| freest | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | frezen |
| freze | aanvoegende wijs | frezen |
| frezend | onvoltooid deelwoord | frezen |
| frezende | woordvorm | frezen |
| gefreesd | voltooid deelwoord | frezen |
| gefreesde | woordvorm | frezen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van frezen zijn vastgelegd.