aval
zelfstandig naamwoord aˈvɑlBetekenis
- bindende afspraak over een wissel dat je in die iemands plaats zal betalen als hij zelf in gebreke blijft (als extra zekerheid voor de ontvanger van de wissel)
- ondertekening van een wissel of bijbehorend stuk als borg voor betaling van die wissel
- appel
Hoe spreek je aval uit?
/aˈvɑl/
Aval bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| v | vis |
| ɑ | bad |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Herkomst
Geattesteerd als avallo in 1608. Het is eerder onwaarschijnlijk dat het uit het Italiaans (19de eeuw) of Frans komt (1673), gezien de dateringen. Misschien is het eerder een soort pseudo-Franse vorming uit à valoir (of zelfs pseudo-Italiaans, gezien de eerste attestatie) uit het Nederlands.