amaril
zelfstandig naamwoord amaˈrɪlBetekenis
- een fijnkorrelig gesteente (samengesteld uit korund, magnetiet, hematiet en kwarts) dat onder meer in poedervorm gebruikt wordt voor de vervaardiging van schuurpapier, schuurlinnen, instrooimateriaal afwerkvloeren, polijst- en slijpschijven
Hoe spreek je amaril uit?
/amaˈrɪl/
Amaril bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| m | maan |
| r | rood |
| ɪ | pit |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| amarillen | meervoud |
| amarilletje | verkleinwoord, enkelvoud |
| amarilletjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘polijststeen’ voor het eerst aangetroffen in 1567
Woordfamilie van amaril
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| amarillen | meervoud | amaril |
| amarilletje | verkleinwoord | amaril |
| amarilletjes | verkleinwoord meervoud | amaril |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van amaril zijn vastgelegd.