afstandsschot
zelfstandig naamwoord ˈɑfstɑntˌsxɔtBetekenis
- een schot waarbij het doel op een grote afstand is gelegen
Hoe spreek je afstandsschot uit?
/ˈɑfstɑntˌsxɔt/
Afstandsschot bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| f | fiets |
| s | sok |
| t | tak |
| n | nek |
| x | acht |
| ɔ | bot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Klinkt hetzelfde als afstandschot.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| afstandsschoten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van afstand en schot met het invoegsel -s-
Woordfamilie van afstandsschot
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| afstandsschoten | meervoud | afstandsschot |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van afstandsschot zijn vastgelegd.