Naar de inhoud

Tussen-s: wanneer schrijf je een s in een samenstelling?

Een tussen-s is een s die je in een samenstelling tussen twee woorddelen schrijft, zoals in gebruiksaanwijzing en dorpsplein. Op deze pagina lees je bij welke woordtypen de s vaak staat, wanneer hij juist ontbreekt en hoe je het zeker weet. Met enkele patronen en een paar uitzonderingen kom je een heel eind.

Door

Wat is een tussen-s?

Een samenstelling bestaat uit twee of meer woorden die je aan elkaar schrijft. Soms staat er tussen die delen een extra klank, een voegklank genoemd. De tussen-s is zo’n voegklank. In dorpsplein hoort de s tussen dorp en plein, terwijl in boekenkast een andere voegklank staat: -en-.

De s komt het vaakst voor, maar ook de voegklank -en- is gewoon, zoals in boekenkast en kippenei. Welke voegklank een woord krijgt, ligt vast in de woordenlijst. Voor jou als schrijver betekent dat: kijk naar het eerste deel van de samenstelling en vergelijk het met de patronen hieronder.

Er is geen vaste regel die altijd werkt. De spelling volgt vooral de gewoonte. Toch zijn er patronen die je kunt gebruiken.

  • Na woorden op -heid krijg je meestal een s, zoals in schoonheidssalon en gezelligheidsvereniging.
  • Na woorden op -teit schrijf je ook een s: kwaliteitscontrole en universiteitsbibliotheek.
  • Na woorden op -schap staat vaak een s, zoals in vriendschapsband.
  • Na woorden op -ing staat vaak een s, zoals in verzekeringspolis.
  • Na een aantal vaste woorden, zoals dorp, stad en koning: dorpsplein, stadsmuur en koningshuis.

Je hoort de s meestal ook als je het woord uitspreekt. Dat helpt, maar het is geen garantie. Een voegklank kan ook ontbreken. Dan staan de twee delen direct naast elkaar, zoals in huisdeur en boekwinkel, zonder extra klank ertussen.

Voorbeelden van samenstellingen met een tussen-s

Bij deze samenstellingen schrijf je een tussen-s. Elk voorbeeld toont een van de patronen, zodat je ziet bij welk soort woorden de s hoort.

  • schoonheidssalon krijgt een s, want het eerste deel eindigt op -heid.
  • kwaliteitscontrole krijgt een s, omdat het eerste deel eindigt op -teit.
  • vriendschapsband heeft een s na het achtervoegsel -schap.
  • verzekeringspolis heeft een s na een woord op -ing.
  • dorpsplein heeft een s, want bij het woord dorp is de voegklank vast.
  • stadsmuur heeft een s tussen stad en muur, net als stadsbestuur.
  • gebruiksaanwijzing heeft een s tussen gebruik en aanwijzing, omdat die voegklank vaststaat.
  • verjaardagsfeest krijgt een s tussen verjaardag en feest, en dat hoor je ook.
  • gezelligheidsvereniging krijgt een s na -heid, en je hoort de s ook als je het woord rustig uitspreekt.
  • werkwoordstijd heeft een s tussen werkwoord en tijd, net als werkwoordsvorm, omdat die voegklank in deze taalkundige termen vastligt.
  • onderwerpszin heeft een s, omdat de voegklank bij het woord onderwerp in deze samenstelling vastligt.

Deze woorden volgen allemaal een herkenbaar patroon of een vaste gewoonte. Bij woorden die daar niet bij horen, moet je soms in de woordenlijst kijken. Schrijf de s dus niet op gevoel, maar op basis van het patroon of de woordenlijst.

Wanneer schrijf je geen tussen-s?

Niet elke samenstelling krijgt een tussen-s. Een belangrijke regel is dat je geen s schrijft na een woord dat al op s eindigt. Je schrijft dus ijsbeer, huisdeur en glasvezel, niet ijssbeer. Ook na een woord op -e schrijf je meestal geen s, zoals in geboortejaar of ziektekosten.

Dat het lastig blijft, merk je bij woorden die op elkaar lijken. Je schrijft landgenoot zonder s, maar landsbelang met s. Beide woorden zijn correct gespeld. De spelling volgt hier de woordgeschiedenis en geen regel. Dat is een goede reden om de woordenlijst te gebruiken als je twijfelt.

Let op deze punten:

  • Een s hoort bij sommige vaste woorden, zoals zondagsrust, en niet bij andere, zoals zondagmiddag.
  • Een woord op -ing krijgt niet altijd een s. Je schrijft bijvoorbeeld woningbouw zonder s.
  • De tussen-s is iets anders dan de tussen-n, die je in woorden als boekenkast vindt.

Werk daarom in twee stappen: kijk eerst of het woord in een van de patronen past, en zoek het daarna op. Bij vrijwel alle woorden die niet in een patroon passen, geeft woordenlijst.org het antwoord. Zo hoef je niet te raden en maak je geen spelfout. Dat kost hooguit een halve minuut. Onthoud daarbij dat een afwijkend woord geen fout van jou hoeft te zijn. De spelling van samenstellingen is nu eenmaal historisch gegroeid.

Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of er een tussen-s in een woord hoort?

Er is geen regel die altijd werkt, maar je kunt patronen volgen. Na een woord op -heid, -teit of -schap staat vaak een s. Na een woord dat al op s eindigt, zoals ijs, komt geen extra s. Bij twijfel kijk je in de Woordenlijst Nederlandse Taal op woordenlijst.org. Daar staat het woord precies zoals het officieel geschreven wordt.

Waarom schrijf je gebruiksaanwijzing met een s?

De s in gebruiksaanwijzing is een voegklank tussen gebruik en aanwijzing. Zo’n s is bij dit woord vastgelegd, net als in gebruiksvoorwaarden. Je hoort de s ook als je het woord uitspreekt. Een uitspraaktest helpt dus vaak. Bevestig het bij twijfel altijd in de woordenlijst.

Komt er een tussen-s na een woord dat op s eindigt?

Nee, na een woord dat al op s eindigt schrijf je geen extra s. Je schrijft dus ijsbeer en niet ijssbeer, en huisdeur en niet huissdeur. Het eerste deel heeft zelf al een s aan het eind. Hetzelfde geldt voor glasvezel en bosrand.