werklast
zelfstandig naamwoord ˈwɛrᵊkˌlɑstBetekenis
- het werk dat gedaan moet worden en de belasting die dat oplevert
- maximale gewicht dat bij recht hijswerk gehesen mag worden
Hoe spreek je werklast uit?
/ˈwɛrəkˌlɑst/
Werklast bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| ɛ | bed |
| r | rood |
| ə | de |
| k | kat |
| l | land |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| werklasten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van werk en last
Woordfamilie van werklast
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| werklasten | meervoud | werklast |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van werklast zijn vastgelegd.