Naar de inhoud

sturen

de richting bepalen waarin een schip zich voortbeweegt

sturen is meer dan één woord

sturen

werkwoord, zelfstandig naamwoord /'styːrə(n)/

Betekenis

  1. de richting bepalen waarin een schip zich voortbeweegt
  2. het stuur van een auto bedienen
  3. de instructies van een roer of stuur opvolgen
  4. de richting bepalen waarin een voertuig zich voortbeweegt
  5. zorgen dat een situatie zich in een bepaalde richting ontwikkelt
  6. zorgen dat een toestel de gewenste taken uitvoert
  7. een persoon ergens heen doen gaan
  8. zorgen dat een brief of ander bericht zijn bestemming bereikt
  9. een woord of blik tot iemand richten

Hoe spreek je sturen uit?

/ˈstyrən/

Sturen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈstyrən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
t tak
y fuut
r rood
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. de richting bepalen waarin [een voertuig] zich voortbeweegt transitive
  2. zorgen dat [een situatie] zich in een bepaalde richting ontwikkelt transitive
  3. zorgen dat [een toestel] de gewenste taken uitvoert transitive
  4. [een persoon] ergens heen doen gaan transitive
  5. zorgen dat [een brief of ander bericht] zijn bestemming bereikt ditransitive
  6. ~ tot [een woord of blik] tot iemand richten obsolete, transitive

Vervoeging van sturen

sturenhele werkwoord — stuurdeverleden tijd enkelvoud — stuurdenverleden tijd meervoud — gestuurdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik stuur stuurde
jij stuurt stuurde
hij, zij, het stuurt stuurde
wij sturen stuurden
jullie sturen stuurden
zij sturen stuurden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gestuurd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gestuurd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gestuurd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gestuurd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gestuurd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gestuurd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gestuurd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gestuurd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gestuurd verleden tijd, deelwoord
gestuurd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gestuurd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gestuurd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestuurd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestuurd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestuurd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gestuurd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gestuurd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gestuurd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gestuurd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gestuurd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gestuurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gestuurd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gestuurd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gestuurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gestuurd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gestuurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestuurd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
sture aanvoegende wijs
sturend onvoltooid, deelwoord
stuur gebiedende wijs
stuurde verleden tijd
te hebben gestuurd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te sturen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen sturen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gestuurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gestuurd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gestuurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gestuurd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gestuurd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gestuurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gestuurd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gestuurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gestuurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gestuurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gestuurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gestuurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gestuurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gestuurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gestuurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gestuurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gestuurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gestuurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gestuurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gestuurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gestuurd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestuurd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gestuurd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gestuurd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestuurd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal sturen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal sturen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal sturen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gestuurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gestuurd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestuurd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestuurd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestuurd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestuurd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestuurd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou sturen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou sturen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou sturen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gestuurd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestuurd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestuurd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gestuurd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestuurd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestuurd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden sturen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden sturen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden sturen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gestuurd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gestuurd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt sturen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gestuurd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestuurd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestuurd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gestuurd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestuurd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestuurd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen sturen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen sturen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen sturen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen sturen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gestuurd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gestuurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gestuurd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult sturen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord stuur

Herkomst

erfwoord, in de betekenis van ‘doen gaan (in bepaalde richting)’ aangetroffen vanaf ca. 1100

Woordfamilie van sturen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gestuurd voltooid deelwoord sturen
sture aanvoegende wijs sturen
stuurde verleden tijd sturen
stuurden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon sturen
stuurt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon sturen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sturen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over sturen

Hoe spreek je sturen uit?
De uitspraak van sturen is: /'styːrə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent sturen?
Sturen is een werkwoord. Het woord betekent: de richting bepalen waarin een schip zich voortbeweegt. Deze pagina beschrijft 15 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je sturen?
Je vervoegt sturen als volgt: de tegenwoordige tijd is stuur, de verleden tijd is stuurde en het voltooid deelwoord is gestuurd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op sturen?

Sturen rijmt op 38 woorden op -uren; versturen, duren en plamuren bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op sturen, uitspraak ˈstyrən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
versturen 3
duren 2
plamuren 3
onderverhuren 5
kuren 2
gluren 2
verhuren 3
onderhuren 4
manufacturen 5
ontzuren 3
azuren 3
avonturen 4
beeldculturen 4
belevenisculturen 7
bevuren 3
bicepsblessuren 5
biosignaturen 6
blaffeturen 4
censuren 3
conjecturen 4
filmculturen 5
gildebesturen 5
hamsterhuren 4
houtskoolvuren 4
kamerverhuren 5
kloosterburen 4
küren 2
mouluren 3
naaktculturen 4
olimsignaturen 6
oversturen 4
permaculturen 5
rasuren 3
siteburen 4
tweefasestructuren 6
uren 2
vreugdevuren 4
zesjesculturen 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord sturen is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. T 2
  3. U 4
  4. R 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

sturen levert met Wordfeud minimaal 10 en maximaal 42 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. T 2
  3. U 2
  4. R 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 10 zonder bonus
  8. 42 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (S) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

sturen telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

sturen in het kort

sturen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 15 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van sturen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort sturen bij een woordfamilie van 5 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

sturen: de richting bepalen waarin een schip zich voortbeweegt
Deel sturen — standaardnederlands.nl