stuurrad
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het grote wiel met uitstaande spaken waarmee men het roer van een boot bedient
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| stuurraderen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van stuur zn en rad zn
Woordfamilie van stuurrad
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| stuurraderen | meervoud | stuurrad |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stuurrad zijn vastgelegd.