stuurhut
zelfstandig naamwoordBetekenis
- Van een binnenschip: de plaats waarvandaan het schip wordt bestuurd. Cockpit (vliegtuig), Cabine (trein),
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| stuurhutje | verkleinwoord, enkelvoud |
| stuurhutjes | verkleinwoord, meervoud |
| stuurhutten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van stuur en hut
Woordfamilie van stuurhut
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| stuurhutje | verkleinwoord | stuurhut |
| stuurhutjes | verkleinwoord meervoud | stuurhut |
| stuurhutten | meervoud | stuurhut |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stuurhut zijn vastgelegd.