cacao
zelfstandig naamwoord /kaˈkɑu/Betekenis
- product verkregen uit de bonen van de cacaoboom dat onder andere wordt gebruikt voor de bereiding van chocolade
- cacaoboom
- cacaoboon
- cacao
Hoe spreek je cacao uit?
/kaˈkɑu/
Cacao bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| a | maan |
| ɑu | koud |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Herkomst
Leenwoord uit het Spaans, van klassiek Nahuatl cacahuatl, in de betekenis van ‘zaad van de cacaoboom en daaruit bereide drank’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1596