bord
zelfstandig naamwoord bɔrtBetekenis
- een schijfvormig voorwerp dat wordt gebruikt om voedsel van te eten
- een vlak voorwerp waarop een voor veel mensen bedoelde tekst of teken is gezet
- vlak voorwerp waarop men een spel kan spelen, deze spelen noemt men dan ook bordspelen
- schijfvormig voorwerp dat wordt gebruikt om voedsel van te eten.
- groot vlak voorwerp dat meestal aan een muur hangt en waarop voor vele mensen bedoelde tekst of dergelijke kan worden gezet.
- plank
- tafel
- bastaard
- boord (het dek van een schip)
Hoe spreek je bord uit?
/bɔrt/
Bord bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɔ | bot |
| r | rood |
| t | tak |
zelfstandig naamwoord — neuter
- een vlak voorwerp waarop een voor veel mensen bedoelde tekst of teken is gezet, bijv. in het verkeer
- vlak voorwerp (vaak van hout) gemaakt om daarop een bepaald spel te spelen; deze spelen noemt men dan ook bordspelen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| borden | meervoud |
| bordje | verkleinwoord, enkelvoud |
| bordjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘schaal, plank’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1138
Woordfamilie van bord
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| borden | meervoud | bord |
| bordje | verkleinwoord | bord |
| bordjes | verkleinwoord meervoud | bord |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bord zijn vastgelegd.