tegelijk
bijwoord /təɣəˈlɛɪk/Betekenis
- op hetzelfde moment
- in dezelfde periode
- tevens.
- samen met iemand of iets anders
Hoe spreek je tegelijk uit?
/təxəˈlɛik/
Tegelijk bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ə | de |
| x | acht |
| l | land |
| ɛi | trein |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Herkomst
samenstelling van te en gelijk