ruiken
werkwoord ˈrœykə(n)Betekenis
- geur waarnemen met de neus
- ~ naar een bepaalde geur verspreiden die met de neus waargenomen kan worden
- ~ aan met de neus onderzoeken
Hoe spreek je ruiken uit?
/ˈrœykən/
Ruiken bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| œy | huis |
| k | kat |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van ruiken
ruikenhele werkwoord — rookverleden tijd enkelvoud — rokenverleden tijd meervoud — gerokenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | ruik | rook |
| jij | ruikt | rook |
| hij, zij, het | ruikt | rook |
| wij | ruiken | roken |
| jullie | ruiken | roken |
| zij | ruiken | roken |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is geroken | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was geroken | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd geroken | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt geroken | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal geroken worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal geroken zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou geroken worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou geroken zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| geroken | verleden tijd, deelwoord |
| geroken te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geroken te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geroken te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geroken te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geroken te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geroken worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geroken zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geroken zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geroken zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geroken zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geroken | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geroken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geroken | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geroken | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geroken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geroken | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geroken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geroken | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| rook | verleden tijd |
| ruik | gebiedende wijs |
| ruike | aanvoegende wijs |
| ruikend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben geroken | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te ruiken | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen ruiken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart geroken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geroken | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren geroken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geroken | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was geroken | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was geroken | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was geroken | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd geroken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd geroken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd geroken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden geroken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden geroken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden geroken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt geroken | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word geroken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden geroken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden geroken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden geroken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt geroken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt geroken | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal geroken hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geroken hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geroken hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal geroken zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geroken zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt geroken | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou geroken hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geroken hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geroken hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geroken zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geroken zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geroken zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden geroken hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geroken hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geroken hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geroken zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geroken zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geroken zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt geroken hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geroken zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen geroken hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geroken hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geroken hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geroken zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geroken zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geroken zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen ruiken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult geroken hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geroken worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geroken zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult ruiken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
In de betekenis van ‘een geur geven of opnemen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1265
Woordfamilie van ruiken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ruik | gebiedende wijs | ruiken |
| ruike | aanvoegende wijs | ruiken |
| ruikt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | ruiken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ruiken zijn vastgelegd.