kraaien
werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈkrajə(n)Betekenis
- het voor de haan kenmerkende geluid voortbrengen
Hoe spreek je kraaien uit?
/ˈkrajən/
Kraaien bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| r | rood |
| a | maan |
| j | ja |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van kraaien
kraaienhele werkwoord — kraaideverleden tijd enkelvoud — kraaidenverleden tijd meervoud — gekraaidvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | kraai | kraaide |
| jij | kraait | kraaide |
| hij, zij, het | kraait | kraaide |
| wij | kraaien | kraaiden |
| jullie | kraaien | kraaiden |
| zij | kraaien | kraaiden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gekraaid | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gekraaid | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gekraaid | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gekraaid | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gekraaid worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gekraaid zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gekraaid worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gekraaid zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gekraaid | verleden tijd, deelwoord |
| gekraaid te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gekraaid te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gekraaid te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekraaid te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekraaid te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekraaid worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gekraaid zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gekraaid zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gekraaid zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gekraaid zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gekraaid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gekraaid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gekraaid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gekraaid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gekraaid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gekraaid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gekraaid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gekraaid | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| kraai | gebiedende wijs |
| kraaide | verleden tijd |
| kraaie | aanvoegende wijs |
| kraaiend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gekraaid | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te kraaien | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen kraaien | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gekraaid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gekraaid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gekraaid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gekraaid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gekraaid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gekraaid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gekraaid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gekraaid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gekraaid hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gekraaid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gekraaid hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gekraaid zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gekraaid zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gekraaid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gekraaid hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gekraaid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gekraaid hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gekraaid zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gekraaid zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gekraaid zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gekraaid hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gekraaid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gekraaid hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gekraaid zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gekraaid zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gekraaid zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gekraaid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gekraaid zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gekraaid hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gekraaid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gekraaid hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gekraaid zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gekraaid zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gekraaid zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen kraaien | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gekraaid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gekraaid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gekraaid zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult kraaien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
zelfstandig naamwoord
- Corvidae een vogelfamilie in de orde van de zangvogels (Passeriformes) en de superfamilie Corvoidea. De familie telt 128 soorten. Deze vogels zijn overwegend zwart, maar sommige gaaien en kitta's zijn bontgekleurd. De lichaamslengte varieert van 20 tot 67 cm
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord kraai
Herkomst
ww: erfwoord via Middelnederlands craeyen / crayen van Oudnederlands kraion, in de betekenis van ‘het natuurlijke geluid van hanen maken’ aangetroffen vana 951
Woordfamilie van kraaien
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gekraaid | voltooid deelwoord | kraaien |
| gekraaide | woordvorm | kraaien |
| kraaide | verleden tijd | kraaien |
| kraaiden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | kraaien |
| kraaie | aanvoegende wijs | kraaien |
| kraaiend | onvoltooid deelwoord | kraaien |
| kraaiende | woordvorm | kraaien |
| kraait | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | kraaien |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kraaien zijn vastgelegd.