equator
zelfstandig naamwoord e'kwatɔrBetekenis
- de denkbeeldige scheidslijn tussen het noordelijk en zuidelijk halfrond op aarde of op de hemelglobe
- de grens van het tandvlees
Hoe spreek je equator uit?
/eˈkwatɔr/
Equator bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| e | veel |
| k | kat |
| w | quiz |
| a | maan |
| t | tak |
| ɔ | bot |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| equatoren | meervoud |
| equators | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘evenaar’ voor het eerst aangetroffen in 1598
Woordfamilie van equator
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| equatoren | meervoud | equator |
| equators | meervoud | equator |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van equator zijn vastgelegd.