wegen
werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈweɣə(n)Betekenis
- het gewicht/de massa bepalen
- een bepaald gewicht/massa als eigenschap hebben
Hoe spreek je wegen uit?
/ˈwexən/
Wegen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| e | veel |
| x | acht |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van wegen
wegenhele werkwoord — woogverleden tijd enkelvoud — wogenverleden tijd meervoud — gewogenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | weeg | woog |
| jij | weegt | woog |
| hij, zij, het | weegt | woog |
| wij | wegen | wogen |
| jullie | wegen | wogen |
| zij | wegen | wogen |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gewogen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gewogen | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gewogen | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gewogen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gewogen worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gewogen zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gewogen worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gewogen zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gewogen | verleden tijd, deelwoord |
| gewogen te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gewogen te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gewogen te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gewogen te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gewogen te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gewogen worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gewogen zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gewogen zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gewogen zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gewogen zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gewogen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gewogen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gewogen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gewogen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gewogen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gewogen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gewogen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gewogen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben gewogen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te wegen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen wegen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gewogen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gewogen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gewogen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gewogen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gewogen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gewogen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gewogen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| weeg | gebiedende wijs |
| wege | aanvoegende wijs |
| wegend | onvoltooid, deelwoord |
| werd gewogen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gewogen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gewogen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gewogen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gewogen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gewogen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gewogen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| woog | verleden tijd |
| word gewogen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gewogen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gewogen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gewogen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gewogen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gewogen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gewogen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gewogen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gewogen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gewogen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gewogen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal wegen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal wegen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal wegen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gewogen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gewogen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gewogen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gewogen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gewogen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gewogen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gewogen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou wegen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou wegen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou wegen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gewogen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gewogen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gewogen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gewogen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gewogen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gewogen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden wegen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden wegen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden wegen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gewogen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gewogen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt wegen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gewogen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gewogen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gewogen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gewogen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gewogen zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gewogen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen wegen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen wegen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen wegen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen wegen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gewogen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gewogen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gewogen zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult wegen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord weg
Herkomst
In de betekenis van ‘zwaar zijn, de zwaarte bepalen’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Woordfamilie van wegen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gewogen | voltooid deelwoord | wegen |
| weegt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | wegen |
| wegend | onvoltooid deelwoord | wegen |
| wegende | woordvorm | wegen |
| wogen | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | wegen |
| woog | verleden tijd | wegen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wegen zijn vastgelegd.