Naar de inhoud

vinden

iets aantreffen nadat ernaar gezocht is

vinden

werkwoord ˈvɪndə(n)

Betekenis

  1. iets aantreffen nadat ernaar gezocht is
  2. iets bedenken
  3. iets op een bepaalde wijze beschouwen of ervaren
  4. iets ondervinden, iets ten deel krijgen

Hoe spreek je vinden uit?

/ˈvɪndən/

Vinden bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈvɪndən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ɪ pit
n nek
d dak
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van vinden

vindenhele werkwoord — vondverleden tijd enkelvoud — vondenverleden tijd meervoud — gevondenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik vind vond
jij vindt vond
hij, zij, het vindt vond
wij vinden vonden
jullie vinden vonden
zij vinden vonden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gevonden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gevonden impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gevonden impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gevonden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gevonden worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gevonden zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gevonden worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gevonden zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gevonden verleden tijd, deelwoord
gevonden te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gevonden te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gevonden te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gevonden te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gevonden te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gevonden worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gevonden zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gevonden zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gevonden zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gevonden zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gevonden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gevonden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gevonden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gevonden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gevonden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gevonden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gevonden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gevonden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gevonden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te vinden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen vinden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vind gebiedende wijs
vinde aanvoegende wijs
vindend onvoltooid, deelwoord
vond verleden tijd
waart gevonden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gevonden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gevonden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gevonden voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gevonden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gevonden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gevonden voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gevonden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gevonden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gevonden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gevonden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gevonden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gevonden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gevonden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gevonden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gevonden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gevonden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gevonden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gevonden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gevonden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gevonden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gevonden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gevonden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gevonden zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gevonden zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal vinden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal vinden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal vinden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gevonden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gevonden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gevonden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gevonden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gevonden zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gevonden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gevonden zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou vinden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou vinden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou vinden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gevonden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gevonden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gevonden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gevonden zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gevonden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gevonden zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vinden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden vinden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden vinden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gevonden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gevonden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vinden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gevonden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gevonden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gevonden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gevonden zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gevonden zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gevonden zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vinden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen vinden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen vinden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen vinden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gevonden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gevonden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gevonden zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vinden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘aantreffen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901

Woordfamilie van vinden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gevonden voltooid deelwoord vinden
vind gebiedende wijs vinden
vinde aanvoegende wijs vinden
vindend onvoltooid deelwoord vinden
vindende woordvorm vinden
vindt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon vinden
vond verleden tijd vinden
vonden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon vinden
vondt aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, enkelvoud, 2e persoon vinden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vinden zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over vinden

Hoe spreek ik vinden uit?
Zo spreek je vinden uit: /ˈvɪndə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van vinden?
Vinden is een werkwoord. De betekenis is: iets aantreffen nadat ernaar gezocht is. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik vinden?
Zo vervoeg je vinden zo: de tegenwoordige tijd is vind, de verleden tijd is vond en het voltooid deelwoord is gevonden. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op vinden?

Vinden rijmt op 12 woorden op -inden; verbinden, plaatsvinden en binden bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op vinden, uitspraak ˈvɪndən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
verbinden 3
plaatsvinden 3
binden 2
bevinden 3
winden 2
ondervinden 4
ontbinden 3
omwinden 3
verblinden 3
blinden 2
winterlinden 4
zwinden 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord vinden is 10 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. I 1
  3. N 1
  4. D 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 10 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

vinden levert met Wordfeud minimaal 11 en maximaal 57 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. I 2
  3. N 1
  4. D 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 zonder bonus
  8. 57 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

vinden telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

vinden in het kort

vinden staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van vinden staan er 76 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort vinden bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

vinden: iets aantreffen nadat ernaar gezocht is
Deel vinden — standaardnederlands.nl