verlof
zelfstandig naamwoord vərˈlɔfBetekenis
- een periode waarin werknemers van hogerhand toestemming krijgen of gevraagd worden om (voor een bepaalde periode) de reguliere werkzaamheden te staken en absent te zijn (vanwege gezinsuitbreiding, persoonlijke omstandigheden, ontspanning, gebrek aan klandizie, e.d.)
Hoe spreek je verlof uit?
/vərˈlɔf/
Verlof bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| l | land |
| ɔ | bot |
| f | fiets |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- ontslag uit de militaire dienst(plicht)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| verlofje | verkleinwoord, enkelvoud |
| verlofjes | verkleinwoord, meervoud |
| verloven | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘vergunning’ voor het eerst aangetroffen in 1361
Woordfamilie van verlof
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verlofje | verkleinwoord | verlof |
| verlofjes | verkleinwoord meervoud | verlof |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verlof zijn vastgelegd.