Naar de inhoud

smakken

smijten, krachtig neergooien

smakken is meer dan één woord

smakken

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈsmɑkə(n)

Betekenis

  1. smijten, krachtig neergooien
  2. neervallen zonder dat de val gebroken wordt
  3. een klappend geluid met de mond maken bij gretig eten of zoenen

Hoe spreek je smakken uit?

/ˈsmɑkən/

Smakken bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈsmɑkən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
m maan
ɑ bad
k kat
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van smakken

smakkenhele werkwoord — smakteverleden tijd enkelvoud — smaktenverleden tijd meervoud — gesmaktvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik smak smakte
jij smakt smakte
hij, zij, het smakt smakte
wij smakken smakten
jullie smakken smakten
zij smakken smakten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gesmakt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gesmakt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gesmakt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gesmakt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gesmakt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gesmakt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gesmakt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gesmakt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gesmakt verleden tijd, deelwoord
gesmakt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gesmakt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gesmakt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesmakt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesmakt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesmakt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gesmakt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gesmakt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gesmakt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gesmakt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gesmakt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gesmakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gesmakt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gesmakt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gesmakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gesmakt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gesmakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesmakt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
smak gebiedende wijs
smakke aanvoegende wijs
smakkend onvoltooid, deelwoord
smakte verleden tijd
te hebben gesmakt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te smakken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen smakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gesmakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gesmakt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gesmakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gesmakt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gesmakt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gesmakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gesmakt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gesmakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gesmakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gesmakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gesmakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gesmakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gesmakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gesmakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gesmakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gesmakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gesmakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gesmakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gesmakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gesmakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gesmakt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesmakt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gesmakt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gesmakt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesmakt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal smakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal smakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal smakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gesmakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gesmakt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesmakt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesmakt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesmakt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesmakt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesmakt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou smakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou smakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou smakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gesmakt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesmakt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesmakt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gesmakt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesmakt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesmakt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden smakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden smakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden smakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gesmakt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gesmakt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt smakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gesmakt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesmakt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesmakt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gesmakt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesmakt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesmakt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen smakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen smakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen smakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen smakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gesmakt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gesmakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gesmakt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult smakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord smak

Herkomst

In de betekenis van ‘klappend geluid met lippen maken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1624

Woordfamilie van smakken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gesmakt voltooid deelwoord smakken
gesmakte woordvorm smakken
smakke aanvoegende wijs smakken
smakkend onvoltooid deelwoord smakken
smakkende woordvorm smakken
smakt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon smakken
smakte verleden tijd smakken
smakten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon smakken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van smakken zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over smakken

Hoe spreek ik smakken uit?
Zo spreek je smakken uit: /ˈsmɑkə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van smakken?
Smakken is een werkwoord. De betekenis is: smijten, krachtig neergooien. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik smakken?
Zo vervoeg je smakken zo: de tegenwoordige tijd is smak, de verleden tijd is smakte en het voltooid deelwoord is gesmakt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op smakken?

Er staan 46 woorden in dit woordenboek die op smakken rijmen, waaronder bakken, pakken en zakken. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op smakken, uitspraak ˈsmɑkən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
bakken 2
pakken 2
zakken 2
slabakken 3
hakken 2
tabakken 3
prakken 2
makken 2
verpakken 3
koekenbakken 4
gakken 2
vertakken 3
aangebakken 4
afvalbakken 4
ankerbakken 4
berkentakken 4
bosniakken 4
controlemaniakken 7
djakken 2
doedelzakken 4
eendenwakken 4
gebakken 3
hardgebakken 4
heesterslakken 4
ingebakken 4
kakkerlakken 4
kazakken 3
keverslakken 4
kozakken 3
krakken 2
krultabakken 4
ontlakken 3
opbergvakken 5
opbergzakken 5
pitjesbakken 4
polakken 3
pottenbakken 4
sjeimesbakken 4
sparrentakken 4
stekelslakken 4
Nog 6 rijmwoorden
takken 2
verzamelbakken 5
vlooienzakken 4
voorraadbakken 4
wereldvlakken 4
wormslakken 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord smakken is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. M 3
  3. A 1
  4. K 3
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

smakken levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 100 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. M 3
  3. A 1
  4. K 3
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 100 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

smakken telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

smakken in het kort

smakken is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van smakken staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort smakken bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

smakken: smijten, krachtig neergooien
Deel smakken — standaardnederlands.nl