loog
zelfstandig naamwoord, werkwoord /loːx/Betekenis
- een alkalische substantie
Hoe spreek je loog uit?
/lox/
Loog bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| o | boot |
| x | acht |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| logen | meervoud |
| loogje | verkleinwoord, enkelvoud |
| loogjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van logen
- gebiedende wijs van logen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van logen
Vervoeging van loog
looghele werkwoord
Woordvorm
- enkelvoud verleden tijd van liegen
Vervoeging van loog
looghele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘oplossing van soda’ voor het eerst aangetroffen in 1330
Woordfamilie van loog
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| loogje | verkleinwoord | loog |
| loogjes | verkleinwoord meervoud | loog |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van loog zijn vastgelegd.