timmermansoog
zelfstandig naamwoord ˈtɪmərmɑnsˌoxBetekenis
- een (goed) timmermansoog hebben: van een persoon dat deze heel goed maten en verhouding kan inschatten
Hoe spreek je timmermansoog uit?
/ˈtɪmərmɑnsˌox/
Timmermansoog bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɪ | pit |
| m | maan |
| ə | de |
| r | rood |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| s | sok |
| o | boot |
| x | acht |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — neuter
- vermogen om heel goed maten en verhouding in te schatten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| timmermansogen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van timmerman zn en oog zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van timmermansoog
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| timmermansogen | meervoud | timmermansoog |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van timmermansoog zijn vastgelegd.