knol
zelfstandig naamwoord knɔlBetekenis
- een verdikte wortelstok waarin een plant voedsel opslaat
- koolraap, een eetbare wortel van een plant uit het geslacht Brassica
- een aftands werkpaard
Hoe spreek je knol uit?
/knɔl/
Knol bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| n | nek |
| ɔ | bot |
| l | land |
zelfstandig naamwoord — masculine
- een veelal oud en aftands werkpaard informal
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| knollen | meervoud |
| knolletje | verkleinwoord, enkelvoud |
| knolletjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘vlezige wortel’ voor het eerst aangetroffen in 1515
Woordfamilie van knol
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| knollen | meervoud | knol |
| knolletje | verkleinwoord | knol |
| knolletjes | verkleinwoord meervoud | knol |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van knol zijn vastgelegd.